De volgende dag besluit ik om alleen op pad te gaan. Ik heb een route uitgestippeld en loop over de Galatabrug naar de andere kant van Europese gedeelte van Istanbul, het oude centrum. Eerst loop ik naar het Topkapıpaleis. Op het punt waar de Gouden Hoorn en de zee van Marmara samenkomen ligt dit Osmaanse paleis van de Sultan met de 4 verschillende hoven. De verschillende hoven worden door poorten gescheiden. Door de Poort van Geluk (Babüssaade) kom je in het derde hof, dit is het centrum van het paleis. De tuin wordt omgeven door o.a. de Zaal van de Privékamer (Has Oda), de schatkamer, de harem, enkele paviljoens en de bibliotheek. Ik bezoek een groot aantal van de ruimtes en ben al gauw onder de indruk van de versierde muren en schitterende plafonds. Het is alleen heel erg druk en omdat het heerlijk weer is wandel ik liever buiten dan dat ik weer in de rij ga staan om de volgende ruimte te zien. Op de muur van het paleis zitten groene papegaaitjes die een ontzettend lawaai kunnen maken. Via een leuk straatje, de huizen die tegen de stadsmuur zijn gebouwd doen een beetje Amerikaans aan, loop ik naar de Haga Sofia. Ook hier een enorme rij. Ik krijg de tip om de volgende keer na 2 uur 's middags te komen, dan zijn de rijen schijnbaar een stuk korter. Zowel de Haga Sofia als de Sultan Ahmetmoskee (blauwe moskee) staan in de stijgers. Ik maak wat foto's en besluit een volgende keer de beide moskeeën te bezoeken. Onderweg terug naar het hotel raak ik aan de praat met iemand en voor ik het weet, sta ik 5 hoog op een dakterras foto's van het uitzicht te maken. Vervolgens wordt de hele familie erbij gehaald, krijg ik thee en worden mij allerlei kleden getoond. Het is leuk om te weten welke kleden uit welke delen van Turkije komen en wat de verschillen zijn maar om nu meteen een kleed te kopen van 1200 dollar, nee sorry. Ik neem dus afscheid en loop via de brug terug naar het hotel.